Category: Dossier Vluchtelingen

Presentatie jaarcijfers COA, IND en DT&V

Voor het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA), de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) en de Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V) was 2016 een jaar waarin de asielinstroom daalde ten opzichte van het piekjaar 2015, maar het was nog steeds een bijzonder druk jaar.


Bestuurders in Nieuwspoort (foto: COA)

Nadat in 2015 vooral veel Syriërs naar Nederland kwamen, meldden zich afgelopen jaar hun nareizende familieleden. Ook kenmerkte 2016 zich door de instroom van mensen uit veilige landen.

Cijfers
De totale asielinstroom (eerste asielaanvragen, herhaalde asielaanvragen en nareizigers) was in 2016 met 31.600 bijna de helft lager dan in het piekjaar 2015 (58.900). In ruim eenderde van alle gevallen betrof het Syriërs (34%), gevolgd door Eritreeërs (9%) en Albanezen (5%). Er waren 18.170 eerste asielaanvragen, 1.660 herhaalde aanvragen en 11.810 nareizigers.

Al direct in het begin van 2016 veranderde de asielinstroom van met name Syriërs en Eritreeërs. Circa een kwart van de eerste asielaanvragen werd toen gedaan door mensen uit een veilig land. Een land wordt als veilig land van herkomst beschouwd als er in het algemeen geen sprake is van vervolging wegens bijvoorbeeld ras of geloof, foltering of onmenselijke behandeling.

Begin 2016 kwamen veel mensen uit Albanië, Servië en Kosovo naar Nederland. Later meldden zich ook mensen uit Marokko en Algerije. Veel van hen waren al elders in de Europese Unie geweest, zodat ze volgens de zogeheten Dublinregels, naar dat land moesten terugkeren om hun asielprocedure te doorlopen. Dit alles heeft ertoe geleid dat het inwilligingspercentage van asielaanvragen sterk is gedaald van 70% in 2015 naar 54% in 2016.

Lees verder

Jonge asielmigranten vaker naar vwo/havo dan andere niet-westerse migranten

Van de jonge asielmigranten die tussen 1995 en 1999 bij een gemeente zijn ingeschreven, zat 39 procent in het derde leerjaar van het voortgezet onderwijs in de havo of het vwo. Bij migranten met een niet-westerse achtergrond die om andere redenen in dezelfde periode naar Nederland kwamen was dit gemiddeld 32 procent en bij kinderen met een Nederlandse achtergrond 47 procent. Dat meldt het CBS op basis van onderzoek in opdracht van het WODC. Het onderzoek is gebaseerd op een integrale waarneming en maakt onderdeel uit van een bredere studie naar asielmigranten uit de periode 1995–1999 die het WODC gisteren publiceerde. Dit onderzoek laat verschillen in onderwijsprestaties van groepen zien, maar op grond van dit onderzoek kan niet worden vastgesteld wat deze verschillen verklaart.


foto: Fotolia

Het CBS volgde ruim 53 duizend jonge asielmigranten uit de jaren ’90. Zij waren bij hun inschrijving in Nederland in de periode 1995-1999 jonger dan 18 jaar of werden in Nederland geboren als kinderen van asielmigranten uit deze periode. Ze woonden tot en met 2013 onafgebroken in Nederland. De 10 duizend asielmigranten van Afghaanse herkomst vormden onder hen de grootste groep, gevolgd door 9,6 duizend Irakezen en bijna 7 duizend personen uit het voormalige Joegoslavië.

Hun onderwijsprestaties en –keuzes zijn onder meer vergeleken met die van personen met een Nederlandse achtergrond en met die van 139 duizend leeftijdsgenoten met een niet-westerse achtergrond die in dezelfde periode, maar om andere redenen, naar Nederland kwamen. Dat zijn vooral Turkse, Marokkaanse, Surinaamse en Antilliaanse (kinderen van) arbeidsmigranten en personen die migreerden in het kader van gezinshereniging.

Verschillen tussen jonge asielmigranten en niet-westerse leeftijdsgenoten die om een andere reden naar Nederland zijn gemigreerd waren op verschillende momenten in hun schoolloopbaan te zien. De asielmigranten haalden gemiddeld hogere scores op de Cito-toets, kregen hogere adviezen voor voortgezet onderwijs, en volgden in het derde leerjaar van het voortgezet onderwijs vaker havo of vwo.

Lees verder

Meer emigranten naar Verenigd Koninkrijk

Het aantal emigranten van Nederland naar het Verenigd Koninkrijk is gestegen van 8,2 duizend in 2011 naar 10,5 duizend in 2015. Vooral het aantal emigranten uit één van de voormalige Britse koloniën nam toe. Dit meldt CBS.


afbeelding: SVG recreation by User:Zscout370 - Wikimedia

afbeelding: SVG recreation by User:Zscout370 – Wikimedia

De afgelopen vijf jaar vertrokken 45,2 duizend emigranten vanuit Nederland naar het Verenigd Koninkrijk. Van hen keerden 38,6 duizend niet terug naar Nederland. De meesten hebben hun wortels in de voormalige Britse koloniën (28 procent). Daarna volgen de Britten (26 procent) en de Nederlanders (20 procent).

Vooral kinderen van ouders uit voormalige Britse koloniën
Onder de emigranten uit één van de voormalige Britse koloniën zijn veel kinderen onder 18 jaar. Zij zijn ooit meegereisd met hun ouders die geboren zijn in Somalië, Afghanistan of Pakistan. Een deel van hen reist na het verkrijgen van de Nederlandse nationaliteit door naar het Verenigd Koninkrijk. Vanwege de taal en de bestaande gemeenschappen in het Verenigd Koninkrijk is dit een populaire bestemming voor deze herkomstgroepen.

Veel Nederlanders en Britten vertrekken voor de studie of voor hun eerste baan naar het Verenigd Koninkrijk. Meer dan de helft van de Nederlandse en een derde van de Britse emigranten is 18 tot 30 jaar oud. Onder de Britten die emigreren naar de andere kant van het Kanaal vormen 50-plussers een relatief grote groep.

Lees verder

Gemeenten Delfzijl, Appingedam en Loppersum starten inburgering al in het AZC

De gemeenten Delfzijl, Appingedam en Loppersum zijn gestart met een project met als doel de statushouder, die in afwachting is van een woningtoewijzing, al in het AZC te laten beginnen met zijn inburgering. Op deze manier start in de DAL-gemeenten de integratie van de statushouder al vóór de huisvesting.


foto: Mike Tomale

foto: Mike Tomale

Integratie en participatie
Wethouder Meindert Joostens, gemeente Delfzijl: “In DAL-verband is een mooie start gemaakt met een project waarbij het AZC, de sociale dienst en de welzijnsdienst sWd! gezamenlijk optrekken om de statushouder al eerder te laten integreren. Alle onderzoeken wijzen uit dat taalverwerving en kennis van de Nederlandse samenleving de basis vormen voor integreren in de Nederlandse samenleving. Ik pleit voor het gelijktijdig starten van de huisvesting en het integratie/participatietraject,” zegt
Joostens.

Startbijeenkomst verdere samenwerking
De gemeenten Delfzijl, Appingedam en Loppersum gaan met verschillende organisaties, zoals woningcorporaties, de sociale dienst en welzijnsdiensten aan de slag om de integratie van statushouders verder vorm te geven. Uit de startbijeenkomst van 22 september kwam duidelijk naar voren dat gemeenten de beste partij zijn om hierop regie te voeren en de samenwerkende organisaties te ondersteunen en te faciliteren.

Lees verder

Grote onzekerheid over komst van azc’s in stad Groningen

De komst van vluchtelingen naar ons land is sterk afgenomen.En dat heeft gevolgen voor de ontwikkeling van nieuwe asielzoekerscentra. Ook in stad en provincie Groningen. Op landelijk niveau is gekeken naar de instroom nu en de instroom die verwacht wordt. De conclusie is dat de het aantal opvangplekken tot en met 2017 voldoende is. Ook als zich een nieuwe piek in de toestroom mocht voordoen.


vluchtelingen-TerApelIn overleg met het COA en de Groningse gemeenten wordt nu gekeken of de plannen voor nieuwe azc’s definitief van tafel gaan of dat zij voorlopig in de ijskast gaan om als buffer te dienen.

Omdat de meeste gemeenten – ook de stad Groningen – een achterstand hebben in het huisvesten van vluchtelingen met een verblijfsvergunning, kan het ook zijn dat verschillende plannen in aangepaste vorm alsnog doorgaan. Dit geldt ook voor de locaties in de stad: de Energieweg en de Ulgersmaweg. Het is op dit moment dus nog niet bekend wat er met deze twee locaties gaat gebeuren.

We maken nu op regionaal niveau een inventarisatie hoe het staat met alle plannen en de gevolgen van de stopzetting. Daar rolt een advies uit aan staatssecretaris Dijkhoff, die half oktober een besluit neemt.

error: © Groninger Krant 2016